Geschiedenis van het Regiment Johan Willem Friso
In mei 1945 kwam er een einde van de Duitse bezetting van ons land. Veel zaken moesten er worden aangepakt, waaronder de wederopbouw van ons leger. Na de bevrijding van Zuid Nederland werd hier al een begin mee gemaakt. De verschillende verzetseenheden werden onder één noemer gebracht: de Binnenlandse strijdkrachten (afgekort BS). Hieruit ontstonden na de oorlog diverse organieke eenheden die dezelfde naam kregen als voor de oorlog.
Het eerste Regiment Infanterie, (afgekort 1 RI) en het negende Regiment Infanterie, (afgekort 9 RI) behoorden ook tot deze eenheden.
Voor de oorlog waren deze Regimenten in het noorden gelegerd. 1RI in Assen en het 9e RI in Leeuwarden.
1RI werd gevuld met personeel dat gerekruteerd werd onder het personeel van de BS gewest Drenthe, en het personeel van 9RI kwam van de BS gewest Friesland.
Op 1 Juli 1950 er een Koninklijk Besluit (afgekort KB) uitgevaardigd, waaruit volgde dat bij een groot aantal Regimenten de nummers werden vervangen door namen.
Dit omdat het personeel van de infanterie toen der tijd regionaal werd verworven.
De naam kon verwijzen naar de regio zelf, zoals het Bataljon Limburgse Jagers of naar een bekende militair uit de regio zelf.
In eerste instantie werd gekozen voor de naam Oranje Friesland, omdat er ooit al een Infanterieregiment Oranje Friesland had bestaan.
Maar omdat alle rekruten uit het noorden van het land kwamen was dit geen gelukkige keuze en vond men de naam van een bekende militair beter passen.
Zo werd er voor de naam Johan Willem Friso gekozen.
Johan Willem Friso was geboren uit het geslacht van Nassau, waar tevens ons koningshuis uit voort is gekomen.
Zo vond dus op 1 Juli 1950 de oprichting van het Regiment Johan Willem Friso plaats. Tevens kreeg men toen de stafmuziek van 1RI onder hun hoede.
Deze kapel was in 1819 opgericht en gelegerd in Assen, in 1946 werd ze opnieuw geformeerd en in 1950 ging ze stafmuziekkorps van Regiment Johan Willem Friso heten. In 1954 veranderde deze naam in de Johan Willem Friso kapel. Tot op heden is ze gelegerd in Assen.
Op 8 Oktober 1951 kreeg het Regiment haar vaandel.
Als vroeger op het strijdtoneel de strijd losbarstte, dreigden eenheden vaak snel uit elkaar geslagen te worden. Het vaandel was voor de manschappen een vast herkenning teken en groeide zo uit tot het belangrijkste symbool van een Regiment. Een vaandel mocht nooit in handen van de vijand vallen.
Tegenwoordig heeft een vaandel een sterk traditioneel karakter.
Op het vaandel van ons regiment staat: tien daagse veldtocht 1831, citadel van Antwerpen 1832, en om praktische reden op een cravatte Java en Sumatra 1946-1949.
Mede door de kwestie in Indonesië kwam er van de heropbouw van ons leger in Nederland na de oorlog weinig terecht. Ons leger was opgebouwd uit een systeem dat was over genomen van het Britse leger. In 1949 toen Nederland lid werd van de NAVO veranderde dat en gingen we over naar een Amerikaans systeem.
Dit kwam omdat ons land toen der tijd Amerikaanse hulp ontving om ons leger op te bouwen.
In de tactische nummering kwam een logische opbouw, als voorbeeld het Eerste Legerkorps had twee divisies: de 1e en de 4e.
Het getal 4 verwijst naar de vierde divisie, het getal 42 had betrekking op een der Infanterie Regimenten, en de getallen 421 422 en 423 op de verschillende Infanterie bataljons.
De militairen gelegerd in Zuidlaren behoorden tactisch gezien dus bij 422 Infanterie Bataljon en hun traditie eenheid was Johan Willem Friso.
In de jaren 1962-1964 veranderde het systeem weer, voortaan werden de Infanterie Bataljons niet meer in gedeeld in tactische Regimenten maar in Regimentsgevechtsgroepen.
Door mechanisering van ons leger maakte deze vervolgens weer plaats voor pantserbrigades en pantserinfanteriebrigades. De naam 422 Bataljon Infanterie JWF veranderde in 44 Bataljon Infanterie JWF en later in 44 PantserInfanterieBataljon JWF. De Regimenten zijn als gevechtseenheden verdwenen maar leven voort als traditie eenheid.
VN-Operaties
In 1950 nam Nederland voor het eerst met het Regiment van Heutz deel aan een vredes operatie van de VN, in Korea. Sindsdien nam in Nederland langzaam de bereidheid toe om deel te nemen aan vredesoperaties. Eerst werd alleen een compagnie Mariniers beschikbaar gesteld, maar dat vond de VN wat te weinig. Daarom deed Nederland in 1965 een aanbod om het deel flink uit te breiden, en werd het 44ste aangewezen om permanent beschikbaar te zijn voor vredesoperaties.
De opleiding van de dienstplichten van het bataljon duurde twee weken langer in verband met de VN taken. In 1977 werden deze twee extra weken vervangen door een korte opleiding op Cies niveau . die omvatte instructies m.b.t. het inrichten van roadblocks, fouillering, zuivering in oorden en oproerbestijding met schild en lange lat. . In twaalf jaar was er nooit een beroep op het Bataljon gedaan terwijl er genoeg brandhaarden in de wereld waren.
Een ervan was het Midden Oosten. Israël leverde strijd met haar buurlanden en sinds 1975 woedde er in Libanon een burgeroorlog. Daarbij raakten ook Israël en Syrië betrokken. Bovendien maakten Palestijnse gebruik van het grondgebied van Libanon om aanvallen op Israël uit te voeren. In Maart 1978 viel daarom Israël met 28.000 man Libanon binnen. Deze actie leidde tot een vergadering van de VN en besloot tot het sturen van een VN macht, genaamd United Nations Interim Force In libanon (UNIFIL). Deze VN macht moesten voorkomen dat de partijen weer slaags raakten met elkaar en tevens moesten ze ervoor zorgen dat zich in de bufferstrook tussen Noord Israël en Zuid Libanon geen vijandelijkheden meer voordeden. Ook moest UNIFIL ervoor zorgen dat het gezag van de wettige Libanese regering weer werd hersteld.
In 1978 kreeg Nederland het verzoek een bataljon beschikbaar te stellen voor UNIFIL. Er in 1979 werd het besluit genomen om het 44ste er heen te sturen.
In principe zouden alleen dienstplichtigen gaan die zich vrijwillig hadden aangemeld maar al snel bleek dat er niet genoeg waren. Dus werden 120 dienstplichtigen aangewezen. Half januari begonnen de voorbereidingen op de uitzending en arriveerden de kwartier makers al in het gebied. Op 14 Maart gaven de Fransen hun taak over aan het 44e Bataljon, wat binnen UNIFIL-verband Dutchbatt ging heten..
In 1982 vond er weer een omvangrijke Israëlische invasie plaats in Zuid Libanon, UNIFIL kon niets anders doen dan machteloos toe zien. Dit maakte de uitzichtloze situatie in Zuid Libanon nog eens duidelijk. Dat bracht er toe dat het kabinet nog eens de VN missie in Libanon nog eens aandachtig onder de loep nam.
In Juli 1983 besloot het kabinet dat het de bijdrage aan UNIFIL zou stop zetten.
Onder internationale druk werd hier echter van terug gekomen en in september van dat jaar besloot het kabinet met UNIFIL door te gaan echter alleen nog maar met een compagnie.
In oktober werd het Bataljon terug getrokken en kwam de toegezegde compagnie.
Deze kreeg de naam Dutch Infantry Compagnie, kortaf: DutchCoy of DIC
Halverwege 1985 kwam de deelname aan UNIFIL wederom ter discussie en besloot het kabinet op 19 oktober de Nederlandse bijdrage stop te zetten.
Op 24 oktober kwamen de laatste Nederlandse militairen terug. In totaal hebben ruim 8.000 man deel genomen aan UNIFIL.
JWF wordt opgeheven – en weer opgericht!
Eind jaren 80 kwam er na ruim 40 jaar een einde aan de koude oorlog.
Als gevolg hiervan besloot de Nederlandse regering drastisch te gaan bezuinigen op defensie. In de defensie nota werd aan gekondigd dat het 44ste mobilisabel werd gesteld hetgeen op 16 april 1992 gebeurde. Tevens ging de kazerne in Zuidlaren dicht. In januari 1993 kwam de minister van defensie met de “Prioriteitennota” waarin werd aangekondigd dat de mobilisabele eenheden ook werden opgeheven. Zo kwam er een einde aan 44 Painfbat .
Maar niet voor lang, want in 1997 komt er een herschikking van de gevechtskracht en kan bij de 43ste Gemechaniseerde Brigade een extra pantserinfanteriebataljon paraat worden gesteld. Op advies van de wapentraditie raad van de Infanterie word besloten het parate bataljon in te delen bij het Regiment Johan Willem Friso . Een belangrijke reden was dat de vele Libanon veteranen nu niet meer “thuisloos”zijn. Ook de regionale binding met het noorden van het land speelde mee.
Het Libanon-monument en de YP-408
Met de heroprichting van het Bataljon kreeg ook het Libanon monument een nieuwe thuisbasis. Sinds de sluiting van de Adolf van Nassau kazerne in Zuidlaren in 1992 had het monument een plek gekregen op de JWF kazerne in Assen. Op 25 februari 1999 werd het monument verplaatst naar de Johanes Post kazerne in Havelte. Op het monument stonden ook twee YP’s: Een “groene” YP (de KN-86-62), en een “witte” (de KN-85-88).
Enige tijd geleden startte het bataljon met het aanhalen van de banden met de Libanon veteranen. Zo wordt ondermeer door nieuwe leden van het Bataljon de oefening blauw koord gelopen, wordt het koord door de militairen gedragen op het dagelijkse tenue en worden veteranen uitgenodigd om bij de uitreiking van het koord aanwezig te zijn.
In 2003 werd het idee geopperd om een van de twee YP’s van het monument weer rijdend te maken, om bij de uitreiking van het koord en andere gebeurtenissen aanwezig te kunnen zijn. Er werd gekozen voor de “witte’ daar deze daadwerkelijk in
Libanon is ingezet. Deze heeft daar dienst gedaan als de UNIFIL 43-47 met het park nummer A31 of A32. (In 1967 kreeg het 44e de KN-85-88 en het voertuignummer was de eerste paar jaren A17 (zie forum Dick Welbergen.) Het voertuig is in 1978 wit gespoten in Nieuw Milligen om vervolgens naar Libanon te worden verscheept.
Daar heeft ze dienst gedaan totdat het materieel terug naar Nederland ging en is in 1986 door Roel Azzaro in Soesterberg opgehaald om in Zuidlaren neergezet te worden op het monument. Daar heeft ze gestaan tot de kazerne dicht ging en ze naar Assen werd gebracht. Sinds 1999 staat ze op het monument in Havelte.
De restauratie
In 2003 knipten we het slotje van de achterdeur eraf en sleepten de YP naar onze hal om te kijken of we hem nog aan de praat kregen. Er moesten natuurlijk nieuwe accu’s in en in het luchtfilter had een vogel zijn intrek genomen. Nadat het voertuig was afgetankt en de brandstof door de leidingen was gepompt kwam ze weer tot leven. Inmiddels was er geld vrij gekomen om de KN 85-88 op te knappen.
Ze is toen naar MCW (Mechanische Centrale Werkplaats) geweest om opnieuw gespoten te worden en hebben burger monteurs (de man met de gouden handjes Willem Wever )van 43 Matlogpel er een nieuwe motor in gezet. Van de oude motor lag de koppakking eruit en deze liep zeer slecht.
In 2004 is ze te zien geweest op de Harskamp op de YP dagen. We hebben er toen bijna twee dagen mee rond gereden tot de stuurpomp het begaf.
Inmiddels heeft ze nieuwe remmen, er zijn banden (gekocht bij De Graaf gemonteerd door Maaldrift), Homokineet hoezen, (Maaldrift) een nieuwe vlinderklep van de uitlaat, en ze heeft een nieuwe claxon gekregen.
En is begonnen met het opknappen van de binnenkant en achterdeuren.
Beetje bij beetje ben ik bezig het voertuig weer in goede en originele staat te krijgen.
De YP staat sinds feberuari weer op defensie kenteken, dus mag ze de weg weer op.
We hebben bij Rubberhuis in Maastricht rubbers besteld voor de achterdeuren en de topluiken. Deze zijn inmiddels binnengekomen en kunnen we zeer binnenkort monteren. De YP heeft ook remproblemen gehad: 4 remcilinders waren lek. We hebben nieuwe aangekocht omdat de oude niet meer gehoond konden worden .
Na montage, nieuwe remvloeistof en het ontluchten remt ze nu weer perfect.
Toen bleek in één keer het oliepeil te stijgen: dat kon maar één ding zijn: Brandstof! De opvoerpomp werd verwijderd en ja hoor: het membraan bleek poreus. Na enig zoekwerk een membraam gevonden bij DAF in Hoogeveen (m’n woonplaats) Het bleek het laatste exemplaar, dus snel gekocht en gemonteerd. Tijdens de montage van de nieuwe verstuivers kwam ik er achter dat een van de verstuivers dol was: hij lekte brandstof. Gelukkig hadden we 6 nieuwe besteld (De DAF 4440 heeft dezelfde verstuivers!) De YP rijdt nu weer perfect.
update: 19-03-08.
Heb de afgelopen tijd veel aan de yp gedaan en laten doen.
In 2006 heb ik voor dat ik naar afghanistan vertrok de binnenkant kaal geschuurd ,na me uitzending is de yp naar nijverdal gegaan en hebben ze hem aan de binnenkant gespoten.
In 2007 is tijdens holland glorie in eindhoven de wormwiel kast links midden kapot gegaan ben toe driftig op zoek gegaan naar een nieuwe en die in oktober 2007 erop gezet wat een werk.
Begon toe ook last te krijgen van de versnellingbak wou slecht in de 3 soms helemaal niet , heb toen de versnellingbak van de reserve motor klaar gemaakt en de reserve motor ook opgeknapt.
toen begonnen om de motor uit te bouwen van de kn-85-88 ,was na iets meer dan 2 uur eruit , heb toen de motor naar een boer bij mij in de buurt gebracht en heb daar een maand lang af en toe aan gewerkt.
Heb toen tijdens me pauze en elke dinsdag avond aan de gang gegaan om de motor ruimte op te knappen schuren grondverf en weer in de groene verf zetten .
Toen dat klaar was heb in de 3 wegkraan (branstof) eruit gehaald en daar alle rubbers van vervangen bleef lekken steeds kwam er toen ook achter dat de brandstof leidingen vanaf de massa schakelaar doorgerot waren heb die toen ook maar vervangen tot en met de grof-filter.
heb 3 weken geleden de motor weer ingebouwd de yp loopt rijdt weer perfect.
Ben daarna begonnen alle verlichting kabels te vervangen of opnieuw aan te leggen veel werk maar ziet er weer goed uit.
ben nu bezig met de dashboard en alle meters op te knappen of te vervangen heb nieuwe meters in bestelling tot dan doen we het met deze.
zoals u kan zien aan de onderzijde zoek ik nog steeds naar oude chauffeurs van de kn-85-88 tot nu toe weinig reactie
Ik ben nog steeds op zoek naar informatie over de YP KN 85-88.
Mensen die er op hebben gereden, er foto’s van hebben of verhalen: laat het me weten!
Groetjes Albert Vrijborg